|
F.M.N. Intradareglement Danstoernooi.
Aangepast; 30-september-2008 versienr 1.2.
Deze informatie bevat de reglementen die op de Intrada van toepassing zijn bij de beoordeling van het danstoernooi voor dansmariekes / -jonkers in de categorieën:
Dit reglement is in samenwerking met de Nederlandse Danssport Organisatie –kortweg N.D.O.- tot stand gekomen en in overeenstemming met andere F.M.N. reglementen.
Voor deelname aan de Intrada (zie huishoudelijk reglement art.8 punt 1) geldt het criterium, dat alleen die verenigingen / stichtingen mogen deelnemen, die als lid zijn aangesloten bij de F.M.N.
Gardes die deel hebben genomen met hoed en pruik kunnen niet, in dezelfde samenstelling, deelnemen zonder hoed en pruik in de categorie waarin men met hoed en pruik gedanst heeft.
Het Intrada-danstoernooi is een besloten toernooi.
Voor zaken zoals: * Accommodatie - Organisatiecriteria enz.. verwijzen wij naar het Intrada-richtlijnenboek, zoals dit door de F.M.N. is opgesteld. Artikelen.1. Muziek 2. Categorieën 3. Lichteffecten 4. Kleding 5. Inschrijving 6. Jurering 7. Loting 8. Optredens 9. Prijzen en Oorkonden 10. Algemeen.
1. Muziek
1.1 De uit te voeren dans wordt begeleid door mechanische muziek.
1.2 Voor de mechanische muziek dient kwalitatieve cd-afspeelapparatuur aanwezig te zijn, die door deskundig personeel bediend wordt.
1.3 Mechanische muziek dient te worden aangeleverd op cd’s. De betreffende muziek dient vooraan, op de cd, te zijn opgenomen. Bij deelname aan meerdere dansen dient per dans een aparte cd te worden aangeleverd. De cd’s dienen voorzien te zijn van een etiket waarop vermeld is:
De deelnemende verenigingen/stichtingen zijn zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van de aangeleverde cd’s.
1.4 Bij storingen in de muziek, buiten de schuld van de deelnemers kan – op een door de juryvoorzitter te bepalen tijdstip - worden over gedanst. Als de storing te wijten is aan de ingeleverde cd, of eigen apparatuur en niet binnen 1 minuut verholpen is (reserve), wordt de dans als beëindigd beschouwd.
1.5 De cd’s dienen uiterlijk een half uur voor de geplande starttijd bij de organisatie ingeleverd te zijn.
1.6 30 minuten na de categorie waarin gedanst is, tot uiterlijk een kwartier na het laatste optreden op het toernooi, kunnen de cd’s bij het wedstrijdsecretariaat worden afgehaald. De deelnemende vereniging/stichting is zelf verantwoordelijk voor het tijdig aanbieden en afhalen van de cd’s. De organisatie dient duidelijk aan te geven waar de cd’s moeten worden ingeleverd en afgehaald.
1.7 De muziek waarop gedanst wordt, moet een mars (4/4maat) of polka (2/4 maat) zijn. Indien hieraan niet wordt voldaan zal puntenaftrek volgen. Tempoversnellingen zijn toegestaan mits het karakter van de muziek behouden blijft. De muziek moet instrumentaal zijn en er mag beslist geen menselijke stem in voorkomen. Bij de showdans is de muziekkeuze geheel vrij.
1.8 Bij de showdans dienen muziek, choreografie en de kostuums op elkaar zijn afgestemd.
1.9 Til-figuren boven heuphoogte en overslagen zijn in de categorieën van de junioren verboden. Bij uitvoering volgt puntenaftrek.
1.10 De dansen moeten een tijdsduur hebben van tenminste 2 minuten en 0 seconden tot ten hoogste 5 minuten en 0 seconden. De tijd gaat in bij de eerste beweging en eindigt op de slotpose. Opkomst- en afmarsmuziek worden niet in de tijd en in de puntenwaardering meegenomen. Indien de dans te kort of te lang is, volgt puntenaftrek.
1.11 Wanneer een deelnemer/ster tijdens de dans stopt, dient de muziek door te spelen tot de deelnemer/ster de dansvloer verlaat. Indien het stoppen van de dans veroorzaakt wordt door een blessure of anderszins, beslist de juryvoorzitter over het stoppen van de muziek. Tevens bepaalt hij/zij de uiteindelijke waardering.
2. Categorieën. (wijziging per september 2008)
2.1 De volgende categorieën kunnen worden ingeschreven: Attentie: Vrije - en Sportklasse dansen in dezelfde categorie.
Showdansgroep junioren t/m 11 jaar
Showdansgroep jeugd 12 t/m 15 jaar
Showdansgroep senioren
2.2 Een garde/showgroep dient tenminste uit 5 personen te bestaan. (bij tijdige aanvraag kan dispensatie worden verleend)
2.3 Onder danspaar wordt verstaan één jongen en één meisje. (bij tijdige aanvraag kan dispensatie worden verleend voor twee meisjes of twee jongens)
2.4 Aan de showdans kan worden deelgenomen zonder dat de betreffende vereniging/stichting voor de garde-, paar- en/of solodans ingeschreven heeft.
2.5 Het thema van de showdans moet van tevoren zijn opgegeven.
2.6 Dansers en danseressen die in een groep t/m 12 personen hebben gedanst, mogen in dezelfde categorie meedansen met een groep vanaf 13 personen, mits het handelt om een andere dans of andere muziek. Grote verenigingen mogen hun groep ook opsplitsen in I en II; echter dan moeten deze groepen uit verschillend personen bestaan en mits het handelt om een andere dans of andere muziek.
2.7 Een deelnemer/ster die na 30 juni de leeftijd van 12 jaar bereikt, dient in het daarop volgende jaar te dansen in de jeugd 12 t/m 15 jaar.
Een deelnemer/ster die na 30 juni de leeftijd van 16 jaar bereikt, dient in het daarop volgende jaar te dansen in de categorie senioren.
Bij de dansparen geldt de leeftijd van de jongen als maatstaf voor de categorie.
Bij de gardes en/of showgroepen geldt eveneens bovengenoemde peildatum. In deze categorieën is voor het bepalen van de leeftijd, de leeftijd van de meerder-heid van de groep doorslaggevend.
Junioren: mogen niet in de afdeling Senioren dansen. Senioren: mogen niet in de afdeling Junioren dansen. Junioren en jeugd mogen wel samen in de categorie jeugd dansen. (zie verder punt 2.8)
2.8 Leeftijdsbepaling gardes en showdansgroepen:
Bij deze groepen gaan wij uit van de leeftijd van de meerderheid, gerekend naar de leeftijdsindeling al was ieder dansmarieke/jonker een solist(e). Bestaat een groep uit 9 meisjes /jongens b.v. 5 junioren en 4 jeugd, dan wordt er in de categorie junioren gedanst. Zijn er 4 junioren en 5 jeugd, dan wordt er in categorie jeugd gedanst. Zijn er 4 junioren en 5 senioren dan is dit onmogelijk, daar junioren niet met senioren in één groep mogen dansen. Bij gelijk aantal; b.v. 5 junioren en 5 jeugd, dan wordt er in categorie jeugd gedanst.
2.9 Minioren:
De tijdsduur van een optreden van de minioren mag niet meer dan 3½ minuut bedragen. Een deelnemer/ster die na 30 juni de leeftijd van 9 jaar bereikt, dient in het daarop volgende jaar te dansen in de junioren t/m 11 jaar. De minioren garde en showgroepen moeten minimaal uit 4 kinderen bestaan. Echter indien tijdig contact is opgenomen, is dispensatie hiervan mogelijk
3. Lichteffecten.
3.1 Bij dansmarieke/jonker - dansen moet het podium goed verlicht zijn; zonder speciale effecten.
3.2 Bij de categorie showdans mag wel gebruik gemaakt worden van een eigen lichtinstallatie, mits het opzetten en aansluiten niet langer duurt dan 1½ minuut en door personen van de betreffende vereniging/stichting wordt uitgevoerd en bediend. Aanwezige toneelverlichting mag voor lichteffecten worden gebruikt. Deze mag echter ook volledig worden uitgeschakeld wanneer men van de zelf meegebrachte installatie gebruik wenst te maken.
4. Kleding
4.1 De kleding moet stijlgebonden zijn en bij groepsdansen is uniformiteit noodzakelijk. Alle zichtbare sieraden zoals ringen, oorringen (uitgezonderd clips), kettingen die om de hals hangen enz. zijn verboden. Piercings en oorknopjes moeten afgeplakt worden.
Gardes. A. Alle vrouwelijke deelnemers dragen een gardetenue. Daarbij behoren (driesteek toegestaan), danslaarzen, panty’s en een onderhemd of bodystocking, en wel van dusdanige lengte dat deze tijdens het dansen niet omhoog kruipt.
B. Alle mannelijke deelnemers dragen een danstenue in overeenstemming met het damestenue, echter met een lange broek. Ook dragen ze danslaarzen of vaste schoenen met hakken, het dragen van (driesteek toegestaan) een blouse is verplicht.
C. Het dragen van ander schoeisel als hierboven omschreven is niet toegestaan. Danslaarzen: de uiteinden van de veters horen in de laarzen weggestopt te zijn.
D. Alle deelnemers of deelneemsters aan de gardedansen zonder driesteek en laarzen, dienen zich te houden aan punt 4.1.
4.2 Bij de showdans is de kledij vrij, zolang ze niet in strijd is met de goede zeden en in overeenstemming met de uit te voeren dans. Body's uit één stuk, body's of enge tops of bovendelen met gymnastiekbroekje of jazzpants, met of zonder versiering / garnering, is toegestaan. Bovendelen in bh-vorm zijn verboden. De versiering moet de specifieke bewegingsloop in de showdans modern niet bedekken. Het een en ander is ter beoordeling van de jury in samenspraak met de Intrada-leiding van de F.M.N. Garde-uniformen zijn in de categorie showdans uiteraard niet toegestaan.
4.3 Bij showdansen zijn kleine attributen en coulissen toegestaan, indien deze een werkelijk onderdeel van de dans vormen en het plaatsen en afbreken niet meer tijd in beslag neemt dan 1½ minuut; bij tijdoverschrijding volgt punten aftrek. (art. 6.7 punt J)
4.4 Het is niet toegestaan, eenmaal op de dansvloer aangekomen, zich van kleding te ontdoen; b.v. capes / handschoenen. Bij showdansen is dit wel toegestaan.
5. Inschrijvingen
5.1 De inschrijvingen geschieden d.m.v. een inschrijfformulier. Hierop dient vermeld te staan: A. naam van de groep of perso(o)n(en). Dit laatste bij solo en paren. B. naam en adres van de leiding C. in welke categorie men uitkomt D. de leeftijd van de deelne(e)mer(s)sters
5.2 Door de organiserende vereniging/stichting kan aan het aantal optredens een maximum worden gesteld.
5.3 Indien na de definitieve inschrijving en de loting zich alsnog een deelne(e)mer(s) / ster of groep aanmeldt en wordt toegelaten, dan danst deze als eerste in de desbetreffende categorie onder een startnummer met het voorvoegsel 01, 02 enz.
5.4 Betaalde inschrijfgelden worden in principe niet terugbetaald.
6. Jurering.
6.1 Het bestuur van de F.M.N. zorgt voor een deskundige jury, welke niet aan een deelnemende vereniging/stichting verbonden mag zijn.
Klachten betreffende de jury/jurering moeten, schriftelijk, worden ingediend bij het bestuur van de F.M.N. en worden na de Intrada in behandeling genomen.
6.2 De jury is bevoegd zijn eigen wedstrijdcommissaris en juryvoorzitter(ster) te benoemen. Het F.M.N.-bestuur neemt tijdens de Intrada de beslissingen.
6.3 De F.M.N. heeft een eigen secretariaat voor het vaststellen van: A. de 1e – 2e – 3e prijs B. de wisselprijzen C. het invullen en ondertekenen van de oorkondes.
6.4 Het beoordeling- of puntensysteem wordt bepaald en geschiedt naar de normen van de F.M.N. Per dans kan de maximale waardering 100 punten per jurylid zijn, verdeelt over alle disciplines. Indien er 5 juryleden zijn dan vallen het hoogste en laagste beoordelingscijfer van een dans weg, zodat de overige cijfers het gezamenlijke puntenaantal weergeven. De beoordeling en/of jurering is "open" en beslissend. Elk jurylid is verplicht zijn/haar beoordeling onmiddellijk na het beëindigen van de dans op een daartoe beschikbaar formulier aan de toezichthoudende persoon af te geven alvorens de uitslag openbaar te maken. Bij deelname en optredens die niet voldoen aan dit reglement, volgt na afloop van de dans wel jurering, maar eveneens puntenaftrek. Het oordeel van de jury is bindend en hierover kan tijdens het toernooi niet worden gediscussieerd. (zie art. 6.1).
6.5 De beoordeling van de dans gebeurt volgens de onderstaande gezichtspunten:
A. Dansmariekes / Dansjonkers: Uniforme kleding - correctheid - temperament - gezichtsuitdrukking - muzikaliteit - houding - juistheid in beweging - passen - moeilijkheidsgraad - combinatie en choreografie.
B. Dansparen : Dezelfde maatstaven als bij punt 6.5 A, bovendien wordt gekeken naar gelijk-matigheid en overeenstemming.
C. Dansgroepen / Gardes: Zoals bij punt 6.5 A en bovendien ook naar gelijkvormigheid en gelijkmatigheid en de gehele indruk van de groep. Solo - optredens tijdens deze dansen worden niet met extra punten gewaardeerd.
D. Dansgroepen / Show: Dezelfde beoordeling als bij punt 6.5.A, daarbij komt nog de gelijkvormigheid en fantasie. Kunst en acrobatiek worden niet beoordeeld.
6.6. Voor alle hierboven genoemde dansen geldt: Bij gelijkheid van punten tellen óók het hoogste en laagste cijfer mee. (Dit geldt alleen als er 5 juryleden aanwezig zijn) Indien het puntenaantal dan nog gelijk is geldt de waardering zoals bij drie juryleden te weten: A. bij ex-aequo op de eerste plaats zijn er twee eerste plaatsen. B. bij ex-aequo op de tweede plaats zijn er twee tweede plaatsen C. bij ex-aequo op de derde plaats zijn er twee derde plaatsen
6.7 Puntenaftrek per jurylid: A. afvallen veren B. afvallen/glijden van driesteek/pruik C. vallen van alle drie tegelijk D. bij opkomst losse veters of geheel geen 1 punt E. geen kanten onderbroek 1 punt F. kapotte kousen en/of petticoat bij opkomst 1 punt G. blote buik 1 punt H. te korte en/of te lange dans van totaal 15 punten I. dansen op anders dan laarzen, van totaal 3 punten J. opbouwen en afbreken meer dan 1½ minuut 1 punt
A, B, C: worden beoordeeld bij de “presentatie”.
Ongepoetste laarzen, kapotte laarzen en onverzorgdheid wordt in de ”presentatie” meegewogen.
7. Loting.
7.1 De volgorde van optreden in elke categorie geschiedt door loting. Deze loting is openbaar en dient tenminste 3 weken voor de "Intrada"gehouden te worden.
7.2 De loting geschiedt door de President van de F.M.N; in aanwezigheid van meerdere bestuursleden; d.m.v. het trekken van lootjes uit twee bekers. De deelnemers/sters zijn zelf verplicht naar de tijden van optredens te informeren.
8. Optreden.
8.1 De deelnemers/sters dienen er voor te zorgen uiterlijk 3 dansen vóór hun optreden gereed te zijn.
Worden zij opgeroepen door de presentator/trice dan mag deze alleen vermelden: Opkomstnummer!!!! De naam en de naam van de vereniging mogen dan beslist niet worden genoemd. Alleen na beëindiging van de dans, wanneer de deelnemer(s)/ster(s) het podium verlaat /verlaten, is dit wel toegestaan.
9. Prijzen en oorkondes.
9.1 De prijzen worden bekend gemaakt - op een door het F.M.N-bestuur te bepalen tijdstip - door de President van de F.M.N. of een daartoe aangewezen persoon. De President en/of andere bestuursleden reikt/reiken de prijzen uit. De President reikt de wisselbekers uit.
9.2 Per dans ontvangt men een oorkonde waarop vermeld is: A. waar en wanneer het toernooi is gehouden B. het behaalde puntentotaal C. de behaalde prijs
Deze oorkonde dient ondertekend te zijn door de President van de F.M.N. en de Intrada – secretaris van de FMN of van de organiserende vereniging/stichting. De oorkondes kunnen in de loop van de dag bij het wedstrijdsecretariaat worden afgehaald. De plaatsnummers 1-2-3, in elke categorie, ontvangen, na afloop van het danstoernooi, een beker.
9.3 De Federatie Midden Nederland stelt een wisselprijs beschikbaar voor de volgende rubrieken:
Als maatstaf voor deze rubrieken geldt het hoogste aantal behaalde punten (onafhankelijk van de klasse waarin gedanst is te weten vrije- of sportklasse) Deze wisselprijzen worden eigendom, indien zij 3 keer achtereen of 5 keer in totaal zijn behaald, door de deelnemer(s)/ster(s) aangesloten bij dezelfde vereniging en gedanst hebbende in dezelfde categorie. Indien de puntenwaar-dering voor deze wisselprijzen gelijk is (zie art. 6.7), moet in dit geval vóór de prijsuitreiking worden over gedanst. Hierbij moet dezelfde dans en door dezelfde deelnemers, als tijdens het eerste optreden, gebracht worden.
De F.M.N. stelt bovendien ieder jaar een Mis(s)-Marieketrofee beschikbaar. De criteria hiervoor staan geheel los van de beoordeling van de vakjury; deze trofee is geen wisselprijs. Indien niemand van de deelnemers hiervoor in aanmerking komt zal uitreiking achterwege blijven.
9.4 Bij de prijsuitreiking mogen geen sprongen en/of overslagen worden uitgevoerd; dit in verband met de grote kans op blessures.
10. Algemeen 10.1 Ook een, eventueel, organiserende vereniging/stichting kan aan het danstoernooil deelnemen.
10.2 De organiserende vereniging/stichting kan - net zoals de F.M.N.- in geen geval aansprakelijk worden gesteld voor opgelopen schade en ongevallen tijdens de optredens en/of tijdens het gehele toernooi.
De deelnemende verenigingen/stichtingen dragen ten opzichte van het bovenstaande hun eigen verantwoordelijkheid voor de ongevallen van optredende leden en dienen zelf voor hun verzekering in te staan.
10.3 In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de juryvoorzitter/ster in overleg met de juryleden en/of de wedstrijdsecretaris en/of de bestuursleden van de F.M.N. en/of de organiserende vereniging/stichting.
10.4 Er mag in de danszaal en kleedkamer(s) absoluut NIET gerookt worden!!!!!!
F.M.N. 30 september 2008. versie 1.2 |